zaterdag 19 september 2015

Afgelopen jaar in vogelvlucht

Ik heb op 24 oktober vorig jaar mijn laatste blog geschreven. Dat is al bijna een jaar geleden aangezien we nu in september 2015 zitten... De reden is eigenlijk een totale writersblock. Na die laatste blog van 24 oktober, ben ik vrij snel weer opgenomen. Die opname heeft mijn leven op z'n kop gezet omdat daarin naar voren kwam dat ik beter begeleid kon gaan wonen...

De indicatie was er al, dus nadat alles in gang gezet was, had ik al vrij snel de intake bij het RIBW (Regionale Instelling Beschermd Wonen). In februari ben ik daar komen wonen. Dat betekende ook dat ik geen fulltime mama meer was, want de kinderen bleven bij mijn ex-man wonen. Dat is iets waar ik tot op de dag van vandaag nog steeds moeite mee heb...

De eerste tijd bij het RIBW heb ik als erg zwaar ervaren. Van een druk gezinsleven naar een leven waar ineens niet zoveel meer hoeft. Ik werd gek van verveling... Ik ben toen vrijwilligerswerk bij het dierenasiel gaan doen. Dat beviel en bevalt nog steeds erg goed.

Toch bleef ik niet lekker in mijn vel zitten. Ik ben het afgelopen jaar verschillende keren opgenomen geweest. Dit waren voornamelijk korte opnames op de gesloten afdeling. Ik kreeg iedere keer te horen dat ze me niet verder konden helpen en dan werd ik weer naar huis gestuurd... Thuis kreeg ik wel hulp van het RIBW en van het FACT team (GGZ) maar toch bleef er een stukje knagen waarin ik me niet begrepen voelde. Ik werd wel serieus genomen, maar ik had het idee dat mensen mij niet snapten.

Een paar weken geleden had ik een gesprek en ik vond dat gesprek zo heftig en ik kreeg er zoveel stress van dat mijn psychotische klachten daarvan verergerden. Uiteindelijk zijn die klachten zodanig verergerd dat ik afgelopen week weer ben opgenomen. Ditmaal niet op de gesloten afdeling maar op het Centrum voor Veerkracht en Stabiliteit.

Ik ben afgelopen week opnieuw gediagnosticeerd. Naast Asperger heb ik schizofrenie... Ik reageerde heel nuchter op de conclusie van de psychiater, maar van binnen zakte de grond even onder mijn voeten vandaan... Aan de andere kant ben ik opgelucht dat er eindelijk een duidelijke diagnose is, waar ik goede medicatie voor kan slikken en waar ik redelijk goed voor behandeld kan worden. Gisteren ben ik met nieuwe medicatie begonnen.


Ik zou eigenlijk de titel van mijn blog moeten veranderen. Het leven van een schizofrene autimama of zo? ;-)

vrijdag 24 oktober 2014

Laat toch eens los!

Eén van de dingen die ik, als iemand met autisme, moeilijk kan, is dingen los kunnen laten. Er is hier de afgelopen week veel gebeurd en er spookt van alles door mijn hoofd. Gedachtes gaan een eigen leven leiden.

Mensen mogen een hekel aan mij hebben. Niet iedereen hoeft mij aardig te vinden, ook al zou het fijn zijn als dat zo was. Maar ik weet dat het een utopie is. Mensen die ik niet aardig vind, laat ik gewoon links liggen. Ik heb er niks mee en ik hoef er ook niets mee. Ik ben verre van haatdragend en ik probeer gewoon mijn eigen leven te leiden. Ik heb niet zoveel vrienden maar de vrienden die ik heb, zijn mij dierbaar. Ik heb door mijn autisme soms problemen om contact te maken. Ik kan in eerste instantie stug overkomen terwijl ik dat niet ben. Ik kijk liever eerst de kat uit boom en kijk even wat voor vlees ik in de kuip heb. Tja, dat zijn veel spreekwoorden in één zin, en dat voor een autist...  Als ik iemand eenmaal ken dan ben ik een heel aardig persoon, al zeg ik het zelf.

Nu ken ik iemand die mij niet aardig vindt. Nou prima, zou je denken. Maar het vervelende aan deze persoon is dat ze bijzonder haatdragend is en mij probeert te pakken op mijn kwetsbaarste punten. Daar heb ik nu erg veel last van. De klachten die ik al heb, verergeren. Ik kan het niet loslaten en ben er continu mee bezig. ’s Nachts droom ik er zelfs van. Het heeft er zelfs toe geleid dat ik vandaag een retourtje GGZ op de fiets kon maken.

Ik probeer zoveel mogelijk afleiding te zoeken. De kinderen hebben herfstvakantie en aangezien het weer buiten ook niet al te best is, doe ik veel spelletjes met ze. We hebben ook al een cake en een boterkoek gebakken. Toch blijven die gedachtes door mijn hoofd heen spoken. Ook al weet ik dat ik goed bezig ben, ik kan het niet loslaten. MIsschien leer ik dat nog eens keer, maar dat moment is nog niet daar helaas.







donderdag 15 mei 2014

Vroeger dacht ik dat mijn beperkingen mijn grenzen waren

Dit is mijn ervaringsverhaal dat ik voor de cursus 'Werken met eigen ervaring' op heb geschreven:

"Vroeger dacht ik dat mijn beperkingen mijn grenzen waren." Dat is een citaat van Loesje, maar wel heel erg herkenbaar voor mij. Toen ik in 2007 de diagnose Asperger kreeg, vielen er heel veel puzzelstukjes op zijn plek. Maar ik bleef hangen in de dingen die ik niet goed kon in plaats van de dingen die ik wel goed kon. Ik keek alleen naar mijn beperkingen in plaats van mijn kwaliteiten. Ik had inmiddels ruim 10 jaar ervaring in de psychiatrie en ik had geen vertrouwen meer in de hulpverlening. Ik was gediagnosticeerd door de GGZ maar verdere hulp wilde ik van hen ook niet meer hebben. Ik wilde alles zelf doen. Dat lukte tot op zekere hoogte. Ik schreef heel veel, zette een forum voor vrouwen met autisme op en was eigenlijk continu met anderen bezig in plaats van met mezelf. Ik zorgde ook nog voor mijn gezin. Dat ging goed, totdat ik in 2009 totaal overprikkeld op de PAAZ terecht kwam. Daar heb ik geleerd dat ik ook goed in een groep kon functioneren, iets waarvan ik door mijn pestverleden dacht dat het mij nooit zou lukken. Ik leerde te kijken naar mijn kwaliteiten in plaats van te kijken naar mijn beperkingen. Wat wel jammer was dat hulpverleners wel juist keken naar de dingen die er niet goed gingen. Ik mocht niet naar huis totdat er hulp voor aan het thuisfront geregeld was.

Buro Maks werd ingeschakeld en ik kreeg 2 tot 3 keer in de week een ambulant begeleidster op bezoek. Langzaam wist zij mijn vertrouwen te winnen zodat ik haar tijdens een boswandeling vertelde dat ik last had van stemmen die mij opdrachten gaven. Via de crisisdienst kwam ik bij het FACTteam terecht en werd er een psychotische stoornis gediagnosticeerd. Het heeft een paar jaar geduurd voordat ik eindelijk de juiste medicijnen kreeg maar ik heb in die tijd wel geleerd dat niet alle hulpverleners per definitie niet te vertrouwen zijn maar dat er ook goede tussen zaten. In die tijd kwam bij mij ook het idee op om ervaringsdeskundige te worden. Ik had vanuit mijn opleidingen al ervaring met de psychiatrie dus ik wist hoe het was om aan beide kanten van de hulpverlening te staan. Ik wilde eigenlijk een soort brug slaan tussen hulpverlener en cliënt. 

Tijdens mijn laatste opname deed ik dat al een beetje. Ik zette mijn ervaringsdeskundigheid al in op de afdeling. Verpleging vroeg of ik dingen wilde uit leggen over de gang van zaken op de afdeling omdat cliënten beter naar mij zouden luisteren daar naar hen, puur omdat ik ook een cliënt was en ik in hetzelfde schuitje zat als hen. Cliënten namen van mij dingen eerder aan dan van de verpleging. Zo heb ik bijvoorbeeld ook samen met een meisje dat voor het eerst was opgenomen, een brief geschreven naar de rechter omdat ze met een IBS was opgenomen. En ik leidde cliënten die net waren opgenomen rond op de afdeling en vertelde hoe het er aan toe ging.

Ik merkte ook een kentering in de GGZ, ze gingen juist naar mijn krachten en mijn kwaliteiten kijken in plaats van wat er niet goed ging. Bij mij heeft dat heel erg geholpen. Ze zette mijn grootste kracht, namelijk schrijven, als deel van mijn behandeling in. Er werd gestimuleerd om iets met mijn ervaringsdeskundigheid te doen, vandaar dat ik nou hier zit.

Zo kom ik terug op het citaat van Loesje. "Vroeger dacht ik dat mijn beperkingen mijn grenzen waren". Maar nu denk ik dat mijn kwaliteiten juist grenzeloos zijn. Iedereen heeft kwaliteiten, met of zonder psychiatrische aandoening, net zoals iedereen, met of zonder psychiatrische aandoening,  beperkingen heeft. Ik kan een normaal en een volwaardig leven leiden zolang ik maar rekening houd met mijn beperkingen. 


maandag 14 april 2014

Sociale regels

Als ik de deur achter mij dicht trek, word ik al zenuwachtig. Ik bevind me immers op straat en dat betekent dat ik wel eens andere mensen tegen zou kunnen komen. Negen van de tien keer loop ik dan ook op straat met mijn hoofd naar beneden. Het voordeel daarvan is dat ik de mensen die ik tegenkom niet zie, en dat ik bijna nooit in de hondenpoep trap...Soms is het wel eens handig dat ik wel vooruit kijk, of in het geval van het oversteken van een straat, naar links en naar rechts kijk. "Toevallig" kom ik juist op die momenten mensen tegen. 

Onbekende mensen zijn niet zo erg want die hoef ik niet te groeten. Of juist wel? Ik ben namelijk helemaal niet zo goed in het onthouden van gezichten. Ik moet mensen meerdere malen gezien hebben voordat ik een gezicht onthoud. Als ik mensen daarna een hele tijd niet gezien heb, vervagen die gezichten weer en herken ik ze ook niet meer. Dus als mensen denken dat ik ze niet meer wil kennen omdat ik niets zeg als ik ze tegenkom, mijn excuses, want dan herken ik het gezicht gewoon niet meer.

Bekende gezichten zijn lastiger. Er gaat dan van alles door me heen op het moment dat ik ze tegenkom. Moet ik groeten? Op welk exact moment moet ik groeten? Hoe moet ik groeten? En nog erger... Moet ik een praatje maken? Al die vragen komen bij mij in een fractie van een seconde binnen. Meestal komt het uit op "Hoi!", en dan loop ik weer snel verder. Ik hoor wel eens van mijn man terug dat mensen denken dat ik chagrijnig ben, maar dat ben ik absoluut niet. Overprikkeld misschien, maar verre van chagrijnig.

Nog lastiger vind ik het als mensen dichterbij komen te staan. Ik ben helemaal niet goed in het onderhouden van vriendschappen. Niet omdat ik het niet wil, maar omdat ik na 30 jaar nog steeds niet weet hoe ik dat soort dingen moet aanpakken. Vooral het contact onderhouden, hoe doe je dat? Wanneer moet ik bellen? Bel ik niet te vaak? Komt het wel gelegen? Dat zijn vragen die er dan in mijn hoofd spelen en maken dat ik dan helemaal niet meer bel. Anderen gaan dan denken dat ik geen interesse in ze toon omdat ik vanuit mijn kant bijna nooit het initiatief neem om contact op te nemen en dan verwateren vriendschappen weer. 

Sociale "regels" mogen dan bij de meeste mensen als vanzelf gaan, ik moet overal bij nadenken en dat kan heel vermoeiend zijn. Mensen aankijken bijvoorbeeld is iets wat ik wel doe maar nog steeds moet ik er mij bewust van zijn dat ik dat daadwerkelijk doe. Het is nog steeds niet iets wat vanzelf gaat. 

Zo kan ik van de dingen die voor anderen heel vanzelfsprekend zijn, overprikkeld raken. Daarom zijn er wel eens van die dagen bij dat ik het liefst een muurtje om mij heen wil bouwen en alleen wil zijn. Het liefst pak ik dan mijn iPad, plug mijn oordopjes er in en kijk dan de hele dag naar series. Op dit moment is bij mij "The Vampire Diaries" favoriet.

Morgen word ik 31 jaar en ik denk niet dat ik al die regels rondom sociale omgang ooit nog helemaal ga begrijpen. Toch doe ik mijn best om sociaal wenselijk gedrag te vertonen. Hoewel ik daar altijd over na moet denken, heb ik het idee dat mensen dat meestal niet aan mij merken. Maar mensen, ga niet denken dat ik chagrijnig ben als ik je tegenkom, want dat is niet zo!

maandag 7 april 2014

Stigmatisering en vooroordelen

Een uur voor die tijd begint het al. Ik word zenuwachtig en ik krijg een knoop in mijn maag. Het is dan moeilijk om mijn draai nog te vinden. Waar ik mee bezig ben, maak ik af, maar ik kan mij moeilijk tot iets nieuws zetten. Ik houd ervan dat alles elke dag zo'n beetje hetzelfde verloopt, maar dat is moeilijk als ik mijn dochter van school moet ophalen en dat ze elke dag met iemand anders af wilt spreken. En als je een zoon hebt die nog op zijn gemak een potje gaat staan voetballen op het grote schoolplein  Ik ga elke dag zo laat mogelijk weg, zodat ik niet heel erg lang hoef te wachten bij school. Maar ook al sta je er stipt om drie uur, de leerkrachten laten je altijd wachten. Ik voel mij totaal niet op mijn gemak bij de mensenmassa die voor het kleuterschoolplein staat te wachten. Op een paar uitzonderingen na, praat niemand met mij en het is voor mij ook moeilijk om een gesprek aan te knopen met iemand. Ik heb het gevoel dat er wel over mij wordt gepraat maar niet met mij. En dat is niet alleen op school maar ook in andere situaties.

Tegen mijn man praten mensen wel. En dan kan ik merken welke vooroordelen er nog over de psychiatrie heersen. Laatst vroeg iemand aan mijn man of ik wel intelligent was... Een kwetsender opmerking kun je volgens mij niet maken, alsof je achterlijk zou zijn als je een psychiatrische aandoening hebt. 

Omdat ik zelfstigmatisering wil voorkomen, probeer ik wel de confrontatie aan te gaan met de dagelijkse dingen die voor mij lastig zijn, zoals de kinderen ophalen uit school. Soms haalt mijn man de kinderen op uit school, soms doe ik dat. Ik heb vorige week samen met de klas van mijn dochter worteltjes en bloemen gezaaid in de schooltuin en ik heb mezelf als 'biebmoeder' opgegeven op school. Ik hoop zo ook meer sociale contacten te krijgen en hoop dat mensen dan met mij praten in plaats van over mij. Ik wil aan mensen laten zien dat er heel veel vooroordelen heersen over de psychiatrie en dat die vaak niet blijken te kloppen. Dat mensen met een (ernstige) psychiatrische aandoening vaak een heel 'normaal' leven kunnen leiden. En tja, wat is normaal? Dat is ook zo'n subjectief begrip.

Desalniettemin blijf ik het heel erg vinden dat het vriendje van mijn zoon niet bij ons thuis mag spelen vanwege het feit dat ik opgenomen ben geweest, dat mensen denken dat ik niet mondig genoeg ben om antwoord te geven op de vragen die ze niet eens durven te stellen en dat mensen denken dat ik achterlijk ben. Vooroordelen en stigmatisering, we hebben nog heel wat te laten zien voordat veel mensen zullen beseffen dat cliënten in de psychiatrie vaak mensen zijn met hele mooie kwaliteiten.  

maandag 24 maart 2014

Baas in eigen leven

Ik ben inmiddels alweer ruim drie weken met ontslag. Ik ben acht weken opgenomen geweest op de gesloten afdeling en vier weken op de open afdeling. Ik hoorde stemmen in mijn hoofd. Stemmen, die door middel van medicatie en een intensief programma nu zo goed als verdwenen zijn. Ik voel mezelf goed. Herstellen doe je zelf, maar het is fijn als de medicatie je een handje helpt. Ik wil onderstaand stuk toch nog even met jullie delen. Het is namelijk de week van de psychiatrie. Het thema is "Baas in eigen leven". Ik heb diepe dalen gekend maar ik wil jullie laten zien dat, hoe diep het dal ook is, je er altijd uit kunt komen. Eigen regie is daarbij heel belangrijk, ook al heb je een (ernstige) psychiatrische aandoening, het is belangrijk dat je nog altijd kunt beslissen over je eigen leven. Dat ik zelf dingen kon beslissen, heeft gemaakt dat ik mijzelf beter voel. Het maakt dat ik voel dat ik nog steeds leef, mede omdat ik zelf beslissingen kan nemen. Lees mijn stuk dat ik op 10 januari van dit jaar heb geschreven, en zie het contrast met hoe ik me nu voel.

"De dag begint al slecht omdat ik maar een paar uur heb geslapen. Als ik wakker word, is het nog rustig op de afdeling. Ik loop naar buiten om een sigaret te roken, maar na een paar trekjes heb ik er al genoeg van. Een sigaret is gemaakt om te worden opgerookt in een warme, gezellige omgeving, niet in het donker en in de ijzige kou. Ik heb, sinds ik ben opgenomen, mijn rookgedrag al gereduceerd naar 100 gram per week. Dat scheelt alweer zo'n 15 euro per week. Je zou bijna gaan denken dat je nog geld gaat besparen bij een opname. Er is koffie gelukkig, want bij mijn ochtendroutine hoort natuurlijk wel koffie. Wel zonder cafeïne helaas. Normaal bestaat mijn dieet uit cafeïne en nicotine, maar de cafeïne kun je nu van het lijstje schrappen.

Als het tijd is om te ontbijten, heb ik inmiddels al 5 koppen koffie op. Wakker ben ik toch wel, met of zonder cafeïne. Ontbijten wil ik niet. Dat mag ik niet van de stemmen en ik heb het gevoel alsof er een knoop in mijn maag ligt. De verpleging doet er gelukkig niet moeilijk over, en aan het aantal mensen te zien die in de huiskamer zitten in plaats van in de eetkamer, ben ik niet de enige die twijfels heeft aan het nut van ontbijten zo vroeg op de ochtend. Verschil is wel dat ik andere mensen toch wel in de loop van de ochtend de keuken in zie duiken om een boterham te smeren. Ik niet, ik mag en ik wil niet meer eten.

De stemmen zijn inmiddels weer volop aanwezig. Bemoeien zich met alles wat ik wil gaan doen met als gevolg dat ik heel passief word. Ik ga zitten in een stoel, praat wanneer er iets aan mij gevraagd wordt maar voor de rest ben ik tot weinig in staat. Activiteiten staan er 's ochtends niet op het programma en er is bijna niemand te zien op de afdeling, behalve de schoonmaker en de verpleging die af en toe voorbij komt lopen. Ik voel een enorme hoofdpijn opkomen en vraag om een paracetamol. Die krijg ik gelukkig ook. Niet dat paracetamol bij mij veel helpt maar het is beter dan niks, bij gebrek aan wat anders.

Ik besluit om even te gaan liggen. Dat moet ik eigenlijk niet doen. Ik slaap overdag bijna niet en als ik ga liggen, en ik val toch in slaap, ben ik bang dat ik s nachts helemaal geen oog meer dicht doe. Helemaal in mijn eentje ben ik alleen met de stemmen en dan overstemmen ze mijn hele gevoel, alsof ik murw geslagen word. Op mijn kamer heb ik ook geen rust. Mijn slaapkamerraam grenst aan de tuin van de open afdeling en ik hoor dat iemand de inhoud van zijn longen onder mijn raam deponeert. Op de afdeling hoor ik ook nog geluiden. Iemand is heel hard aan het gillen omdat ze pijn heeft en een ander is aan het overgeven op de wc in de badkamer die heel strategisch naast mijn kamer ligt.

Het is inmiddels 11 uur in de ochtend en ik heb het gevoel alsof ik er al een hele dag heb opzitten. Ik ben zo bezig met overleven dat tijd voor mij eigenlijk geen betekenis meer heeft. Ik ben moe, moet nog een hele dag en 's avonds ben ik bang om te gaan slapen, omdat ik bijna geen oog meer dicht doe. Ik sta toch maar op, tijd voor een sigaret. Ik ben bang, elke minuut van de dag, omdat ik niet weet hoe ik deze dag weer moet overleven. Zo gaat dat de laatste tijd, dag in, dag uit."

 

donderdag 27 februari 2014

Eet smakelijk!

Ik ben nu bijna twaalf weken opgenomen bij de GGZ. Ik denk dat ik dan wel een bescheiden mening mag geven over de kwaliteit van de maaltijden bij de GGZ. Soms zijn de warme maaltijden echt vies, soms zijn wel om te doen, maar geen enkele keer is het echt lekker. Op beide afdelingen, waar ik opgenomen ben geweest en waar ik nu opgenomen ben, was en ben ik verantwoordelijk voor het verwarmen van de warme maaltijd. De maaltijden worden 's ochtends vers aangeleverd door de centrale keuken, daarna worden ze in de koelcel gezet om er vervolgens rond half 5 's middags uitgehaald te worden. Daarna worden ze in de regenereeroven gezet waar ze vijftig minuten worden verhit tot een temperatuur boven de 60 graden. Resultaat: tot snot gestoofde groenten en weinig verschil in smaak van een runderlapje of een varkenslapje. Ik ben geen fan van gekookte aardappelen en dan ben ik bij de GGZ sowieso aan het verkeerde adres. Het brood is bijna nooit vers en is daarom ook echt niet lekker. Neem er mijn voortdurende eetlust als bijwerking van de medicatie bij, en het resultaat is dat ik bijna altijd honger heb.

Ik ben niet de enige die zo denkt dus hadden twee andere cliënten en ik vorige week het plan opgevat om iets te gaan bestellen. Het was al wat later op de avond en aangezien de deur van onze (open) afdeling om 22.30 op slot gaat en de verpleging naar de gesloten afdeling vertrekt, konden wij niet de deur open doen voor onze shoarmabezorger. Op de vraag of wij ons eten op de gesloten afdeling konden laten bezorgen, kregen wij geen antwoord van de verpleging dus die avond werd de shoarma mooi door onze neus geboord. P. had voor de zekerheid vier boterhammen met sandwichspread gesmeerd en in de kast gezet en toen we die avond helaas geen shoarma kregen, haalde hij zijn bord uit de kast met de mededeling dat hij beter oud brood kon eten in plaats van helemaal niets.

De volgende dag, nieuwe ronde, nieuwe kansen. Tweede poging 's avonds om shoarma te bestellen. We wilden bestellen via thuisbezorgd.nl maar wat we ook probeerden, de site liep telkens vast. Ook op mijn telefoon wilde de site niet werken. Uiteindelijk heb ik de stoute schoenen maar aangetrokken en gebeld aangezien mijn twee medecliënten niet durfden te bellen. Probeer maar eens uit te leggen aan een (Turkse) shoarmabezorger hoe hij op het juiste adres, bij de juiste ingang en de juiste afdeling kan bezorgen. Maar.... het is gelukt! En een halfuur later zaten we heerlijk te smullen van onze shoarmaschotels.

Een paar dagen later hadden we zin in pizza. Het was M. haar laatste avond op de afdeling. Eerst weer geprobeerd via thuisbezorgd.nl maar dat ging hem niet worden. Toen via de site van Domino's Pizza maar daar werden we ook niet veel wijzer van. Toen toch maar gebeld naar onze inmiddels vertrouwde shoarmazaak. Twee pizza's hete kip moest het worden. Om 21.15 besteld, maar om 22.15 nog niet bezorgd. We begonnen hem toch wel een beetje te knijpen aangezien de voordeur om 22.30 op slot gaat. Toen toch maar weer een keertje gebeld maar er werd ons verteld dat de pizzabezorger onderweg was. Om 22.30 nog geen pizza's en de deur ging op slot. P. zag zijn pizza al in rook opgaan en meldde ook nog even heel droog dat hij geen lintworm in zijn maag had maar een python... Ik heb toen toch maar eventjes gebeld en mijn telefoonnummer doorgegeven zodat de pizzabezorger mij zou bellen als hij er bijna was en mijn instructies zou volgen zodat we toch nog over onze pizza's konden beschikken. Twintig minuten later werd ik gebeld en stond ik telefonisch en via het raam gebarend de pizzabezorger uit te leggen dat hij een stukje verder moest lopen om via het hoge hek in de tuin onze pizza's door te geven. Aangezien het hek nogal hoog is, moesten de pizza's schuin door de spijlen worden doorgegeven. Toen nog afrekenen natuurlijk. Ik had het gevoel alsof ik stiekem aan het afrekenen was met een drugsdealer. Maar goed, uiteindelijk is het toch gelukt, en de pizza was heerlijk!

Twaalf weken instellingseten... Ik ben blij dat ik er morgen vanaf ben. Morgen kan ik weer eten wat ik lekker vind. Na twaalf weken ga ik morgen eindelijk met ontslag!